nieuwjaarstoespraak gemeenteraad
12 januari 2012
Leverende organisatie | Aangeleverd op 20-01-2012
Leden van de raad, Leden van het college, Dames en heren,
Laat ik beginnen met het uitspreken van de allerbeste wensen voor u en de uwen. Ik wens u een gezond en voorspoedig 2012. Graag wil ik hier kort terugblikken op het jaar 2011. In economisch en financieel opzicht was het een zwaar jaar. Een financiele crisis die voortduurde: in Europa en wereldwijd. In die context moeten we ook de positie van Rotterdam plaatsen. Ook onze stad kende een moeilijk jaar waarin bezuinigingen, ook die van de rijksoverheid, hun weerslag kregen in onze stedelijke begroting.
Voor 2012 zijn de vooruitzichten niet veel gunstiger en zijn onze middelen zeer beperkt. Als college en gemeenteraad zullen we daarom ook dit jaar scherpe keuzes moeten maken en prioriteiten moeten stellen. Dat betekent dat sommige dingen nu gewoon niet kunnen.
Zoals bekend was 2011 niet een jaar van grote groeicijfers. Al zijn er enkele uitzonderingen. Zo steeg het aantal schriftelijke vragen van de leden van uw raad met 20% ten opzichte van 2010. Het aantal amendementen met 33% en het aantal moties zelfs met 38%. U toont hiermee een enorme betrokkenheid bij het wel en wee van de stad en zijn inwoners. Uw werklust is ongeevenaard, maar wellicht kan het in 2012 hier en daar ietsje minder. Al was het maar omdat wij het werk met minder ambtenaren zullen moeten doen.
Leden van de raad, in 2011 hebben ook twee beeldbepalende poltitci de Rotterdamse politiek verlaten: Ronald Sörensen en Dominic Schrijer. Twee doorgewinterde politici met verschillende opvattingen en verschillende wijze van profileren, maar beiden met een groot hart voor de stad. Beiden hebben op hun eigen wijze hun stempel gedrukt op Rotterdam.
En in de eerste maand van het nieuwe jaar zullen we wederom afscheid gaan nemen van een markant politicus. Dan verlaat Marco Pastors deze raadszaal. Ik zal bij die gelegenheid over hem spreken, over zijn verdiensten voor de raad en de stad. Daarna zal hij zijn politieke rol verruilen voor een ambtelijke en ik hoop van harte dat hij in die rol goede resultaten zal gaan boeken op Zuid.
De ontwikkeling van Zuid blijft een belangrijk onderwerp op de agenda van de raad. Daarnaast zullen we spreken over veel andere onderwerpen. Over de economie, de werkgelegenheid, de Metropoolregio, veiligheid, verkeer, milieu en vele andere onderwerpen die nu nog niet zijn te voorzien. Belangrijke onderwerpen. Onderwerpen die om uw aandacht vragen. Die aandacht geeft u graag en vol overgave. Daarbij staat ons altijd voor ogen dat we voor onze burgers aan het werk zijn.
In de Rotterdammers zit veel energie en vitaliteit: dat heb ik afgelopen maandag ook gezegd tijdens mijn nieuwjaarsspeech in de Burgerzaal. Rotterdammers hebben namelijk de mooie eigenschap dat zij zich niet snel laten ontmoedigen. Dat ze niet bij de pakken neerzitten. Zij gaan aan de bak als er dingen moeten worden gedaan. Elke dag opnieuw ontmoeten u en ik zulke Rotterdammers en uit die ontmoetingen halen wij onze energie en inspiratie.
Leden van de raad, we weten dat deze crisis niet alleen een economische crisis is. Het zit dieper. Het is ook een vertrouwenscrisis die een gevoel van onzekerheid met zich meebrengt. Onzekerheid over het eigen bestaan. Dat werkt als een rem op de ontwikkeling van mensen en dus op de ontwikkeling van de stad. Reden te meer om onze burgers aan te moedigen vertrouwen te hebben in onze toekomst. Dat dwingt ons weer tot het nemen van vertrouwenwekkende maatregelen binnen de ruimte die ons is gegeven.
Mijn collega-nachtburgemeester Jules Deelder schreef ooit: “de omgeving van de mens is de medemens.” Laat dat een boodschap voor ons allemaal zijn. Juist in tijden van onzekerheid moeten we extra oog hebben voor de ander, voor de medemens. Als we dat doen, bouwen we aan vertrouwen. Dat vertrouwen hebben we hard nodig om onze stad door moeilijke tijden te loodsen.
Dat vertrouwen moeten we elkaar ook hier geven in deze raadszaal. Ik heb - evenals velen van u – met regelmaat aandacht gevraagd voor de wijze waarop we het debat met elkaar voeren. Terugkijkend constateer ik dat we het afgelopen jaar de juiste richting zijn ingeslagen. Het debat is vaak inhoudelijk gevoerd en met veel meer respect voor de ander.
Dat heeft ook zijn weerslag gehad op de sfeer hier in de raadszaal: die is prettig en ontspannen. Dat is een goede ontwikkeling en die moeten we vasthouden. Dat komt de kwaliteit van het politieke discours hier in de raad ten goede en draagt ook bij aan een verstandig debat elders in de stad. Immers goed voorbeeld doet goed volgen.
Daarmee en met alle taken en verantwoordelijkheden die het raadslidmaatschap in zich heeft wens ik u ook in het nieuwe jaar 2012 heel veel succes, plezier en bovenal wijsheid toe.